Wist u dat uw browser verouderd is?

Om de best mogelijke gebruikerservaring van onze website te krijgen raden wij u aan om uw browser te upgraden naar een nieuwere versie of een andere browser. Klik op de upgrade button om naar de download pagina te gaan.

Upgrade hier uw browser
Ga verder op eigen risico

Items & Settings, Zaal Zuid

Tekst door Petra Boonstra

Dit blog verscheen eerder op Jegens&Tevens een website vol artikelen over exposities, zeer de moeite waard. Petra Boonstra is tentoonstellingsmaker bij Concordia in Enschede en schrijft regelmatig stukken over tentoonstellingen hier in de regio.

(Jan des Bouvries, kubusbank beschilderd door Jan Cremer 1989; portret koning Willem Alexander door Erwin Olaf)

Zaal Zuid nodigde kunstenaar Paul Hajenius uit een expositie samen te stellen met het thema ‘items & settings’. Een moeilijke opdracht zegt Paul, want items zijn overal te vinden en een setting is snel gemaakt. Toch is het een boeiende expositie geworden waarin veel aandacht is voor het beeldende aspect, en voor het zelf interpreteren enop waarde schatten van wat je ziet.

De expositieruimte oogt bij binnenkomst als een woonkamer. Er staan zitbanken van Jan des Bouvrie, een klassieke buikkast, er hangt een televisie. Maar er zijn ook kleinere huishoudelijke voorwerpen te zien zoals een telefoon -een ouderwetse, met draaischijf en snoer-, bijzettafeltjes en een servies. De buikkast is gevuld met kastanjes, het servies hangt aan de muur en bij de telefoon is een sticker geplakt met daarop de maker en de titel. Er is dus wat meer aan de hand dan op het eerste gezicht lijkt.

Paul Hajenius combineert kunst en design graag met alledaagse gebruiksvoorwerpen, de hoge met de lage kunst en het banale met het exclusieve. Hij laat de bezoeker nadenken over wat het kunstwerk zou kunnen zijn en waarom. Wat maakt het ene het kunstwerk en het andere niet, waar ligt de grens? En vooral; wat vind jij er zelf van? Paul is van mening dat we anders naar de dingen moeten kijken, dat we ons moeten durven uitspreken over wat we vinden en niet klakkeloos moeten aannemen wat een ander zegt over wat kunst is en wat niet.

(foto Cor Jaring, 1966 / servies G.M.E. Bellefroid)

In de hoek staat werk van Jelle van Assem, een decorstuk van de werkelijkheid. Aan de voorkant een mooie gestileerde tafel met een uitnodigende kan water en fancy visitekaartjes. Aan de andere kant van de witte galeriemuur een studentenkamer, een tafel met wat er ook maar op past, een bijzettafeltje met koffiezetapparaat, een stapel bierkratten en kleding. Jelle heeft letterlijk een stuk van zijn interieur overgeplaatst naar de expositieruimte. Precies zoals het thuis ook staat en ligt en eruit ziet. Want de werkelijkheid is interessanter dan wat wordt geënsceneerd. Er is meer te ontdekken, er is meer leven. Een galerie presenteert zichzelf en ‘haar’ kunstwerken op een bepaalde manier. Maar achter de deuren van de galerie is de echte wereld, daar gebeurt het allemaal. Daar leeft de kunstenaar, daar haalt ie zijn of haar inspiratie vandaan en wordt de werkelijkheid gemaakt. In de bloemenwinkel van zijn ouders kon Jelle zich verwonderen over het verschil tussen de etalage en winkel, en de voor bezoekers onzichtbare achterruimte waar de bloemen binnenkwamen en werden gesneden en geschikt. En waar de rommel lag. Dát was de echte wereld. Er was geen representatie, geen reclame, geen façade.

Het werk van Jelle stelt net zo duidelijk als de gehele expositie de vraag: waar ligt de grens? Hoe functioneert mijn studentenkamer als decor of kunstwerk? Wat is de grens tussen kunst en een studentenkamer, en wie bepaalt die grens?

(Jelle van Assem)

Paul Hajenius vertelt dat het bij kunstbeschouwing gaat om de manier van kijken. Iedereen kan kijken en interpreteren, en dat zou elke manier van kunstbeschouwing goed maken. Wat het kunstwerk is en wat het decorstuk, of design of een gewoon huishoudelijk apparaat, wordt automatisch een waardebepaling. Is het kunst, dan is het goed. Is het een strijkijzer -en dus geen kunst- dan doet het niet mee en bekijken we het niet serieus. Juist die waardebepaling vindt Paul vreemd en wordt in de expositie op de hak genomen.


(Kuilboer/Kruisdijk - The death of modernism)

Een mooie uitwerking daarvan is het werk van Kuilboer/Kruisdijk. In een bestaand stripje maakt Donald Duck een object. Het blijft in ‘t midden wat het object exact is en hoe Donald Duck het heeft gemaakt. Heeft het een functie of een bedoeling? Dat krijgen we niet te zien. Donald wil er patent op aanvragen maar dat wordt afgewezen. Vervolgens loopt hij bij een galerie naar binnen waar het ‘object-zonder-functie’ onmiddellijk wordt gekocht waarna Donald met een stapel bankbiljetten naar buiten wandelt. Kuilboer/Kruisdijk presenteren de uitvergrote strip met het object ervoor. Zien we het object nu als een functioneel en in oplage gereproduceerd ding of is het een uniek kunstwerk? Zien we het als een wegwerpartikel, of zien we het met andere ogen en bepalen we dat het kunst is…? Wat maakten Kuilboer/ Kruisdijk na, een bestaand kunstwerk dat Walt Disney gebruikte in de strip, of het object dat Donald Duck bedacht?

We willen de kunst graag zien als ultieme vrijhaven voor grensverleggende ideeën. Maar volgens Hajenius is dat een droom die al lang niet meer bestaat. Kunst is hermetisch geworden, en de kunstwereld volgt een systeem waarbinnen je aan allerlei regels dient te voldoen. Teruggaan naar de ultieme vrijheid betekent dat kunst bekeken kan worden vanuit zeer verschillende perspectieven, en dat we daarvoor open moeten staan.


(Gert Derks)

Van Gert Derks zijn drie schilderijtjes te zien, kleine werken van ongeveer A3 formaat. Het zijn beelden van verlaten bankstellen bij het grof vuil; aan de straat gezet en afgedankt. “Een aantal jaren geleden heb ik me een tijd lang verdiept in een alomtegenwoordig fenomeen, oude sofa’s die je overal aan de rand van de straat kunt aantreffen. Ik heb ze gefotografeerd zoals ik ze aantrof en vervolgens nageschilderd. een eerbetoon aan al die sofa’s die aan de rand van de straat staan, verlaten door hun oude eigenaar en verder door weinigen meer waargenomen.” De sofa is een gebruiksvoorwerp, niet per se bijzonder en niet in eerste instantie een kunstwerk. Maar de weergave van dat object, het gewone gebruiksvoorwerp dat is weggegooid en afgedankt, is dat wel. Wanneer wordt het van het een het ander? En hoe kijk je er naar, wat zie je dan precies?

Paul Hajenius vindt dat iedereen voor zichzelf moet bepalen wat kunst is. Een speelgoed Nijn of een kaas, jij mag het zeggen. Een schilderij en een verzameling kastanjes, het is aan jou.

Dat is een mooie opdracht die ook best wat vraagt van de kijker, maar aan de andere kant is het interessant om te horen waarom Paul zélf iets kunst noemt of vindt of dat waardeoordeel aan een bepaald object geeft. Maar dat laat hij in het midden, het is helemaal ‘up to’ de kijker.

Zo kan je je eigen ideeën niet toetsen of bijschaven, want er is geen tegengas of ander perspectief. Daar voorziet de expositie niet in. Het gaat hier met veel voorbeelden en associaties en verbanden puur om de uitnodiging tot anders kijken. Hoe je dat doet en welke conclusies je trekt, dat is volledig aan jou.

Tip!

De ene expositie vraagt om een bezoek in je eentje, een andere om een gesprekspartner. Bezoek items & settings met een reisgenoot en zorg er zo voor dat je de discussie die de expo oproept, ook echt kan voeren.

Items & Settings is te nog zien tot en met 8 december 2019 bij Zaal Zuid in Hengelo.

In de tentoonstelling zijn, naast kunst en designproducten uit de collectie van Jan des Bouvrie, werken opgenomen van Jelle van Assem, Klaas Bernink, Gert Derks, Roderick Hietbrink, Teun Hetterscheid, Cor Jaring, Bas Koster, Connie Kuilboer / Ben Kruisdijk, Florès van de Marel, Melle Nieling, Wim T. Schippers / Wim van der Linden, Rob Scholte, Ton Zwerver, “De Enschedese School” e.a.

Link: Zaal Zuid

Agenda

De volledige kunstagenda van Enschede e.o. met openingen, exposities, lezingen etc.

Collectie Enschede

Bekijk de binnen en buitenkunstcollectie van de gemeente Enschede